José Bakx werkt al negen jaar bij het College voor Toetsen en Examens (CvTE) en is sinds 2019 afdelingshoofd nmp (staatsexamen Nederlands als tweede taal (Nt2), middelbaar beroepsonderwijs (mbo) en primair onderwijs(po)). Later dit jaar gaat ze met vervroegd pensioen. Het CvTE zoekt daarom een opvolger. In dit interview vertelt José wat de functie vraagt, wat haar energie geeft en welke uitdagingen de afdeling te wachten staan.
José Bakx
In 2019 werd José afdelingshoofd nmp en kwamen er drie teams onder haar leiding: het staatsexamen Nt2, mbo en po. ‘Dat was wennen’, zegt ze. ‘Als je er van buiten naar kijkt, denk je al snel: wat hebben die drie met elkaar gemeen?’ Juist dat vraagstuk vond ze interessant. ‘Ik vind het boeiend om te kijken hoe je teams die niet vanzelfsprekend bij elkaar horen, toch kunt verbinden.’
José ziet haar rol als leidinggevende vooral als faciliterend. ‘Ik ondersteun de collega’s, zodat zij het werk goed kunnen doen. Het is leuk om leiding te geven aan zoveel verschillende mensen.’ Die ondersteuning is breed: van coachen en prioriteren tot schakelen met partners. Dat betekent veel afstemming met partijen als OCW, DUO en de toetsontwikkelaars, en tegelijk scherp blijven op kwaliteit. ‘Je moet affiniteit hebben met toetsing en examinering. Het is veel management, maar je houdt je ook echt bezig met de inhoud en leest dossiers.’
Als lid van het managementteam (MT) kijkt José over de grenzen van haar eigen afdeling heen. ‘Samen proberen we ervoor te zorgen dat iedereen zijn werk kan doen.’ Dat vraagt om voortdurende afstemming, juist omdat besluiten in de ene afdeling vaak doorwerken in een andere. ‘Bij het MT komt alles samen.’
Een gemiddelde week
Een groot deel van het werk speelt zich af in overleg. ‘Op maandag zijn we op kantoor. Dan hebben we de weekstart met de hele afdeling.’ Bij dat overleg sluiten ook andere collega’s aan, zoals ICT, communicatie, klantcontact en contentmanagement, die vanuit de afdeling staf hun taken uitvoeren voor de afdeling nmp. ‘Op deze manier zijn zij ook betrokken bij wat zich binnen de afdeling afspeelt.’
José zit de weekstart voor en koppelt terug vanuit het MT. Daarnaast voert ze veel één-op-één gesprekken. ‘Dan gaat het vooral over hoe het met mensen gaat. Is het te druk? Wat speelt er en wat heb je van mij nodig?’ Soms is een gesprek coachend, soms is het inhoudelijk sparren. ‘Je denkt samen na over de aanpak van een onderwerp of een proces.’
Zoeken naar overlap
Ook afdelingsbrede speerpunten komen terug. José ziet het als onderdeel van haar rol om die kruisverbanden zichtbaar te maken. ‘Soms komt er iets vanuit po of mbo en denk ik: dit raakt ook aan Nt2. Dan breng ik collega’s met elkaar in contact.’
Passend toetsen en examineren is zo’n onderwerp. ‘We denken met elkaar na over hoe we ervoor kunnen zorgen dat elke leerling met een ondersteuningsbehoefte een goed examen kan maken.’ Dit soort vraagstukken spelen bij meerdere teams. ‘Bijvoorbeeld het vormgeven van toetsing voor kandidaten met een visuele beperking. Ieder team heeft te maken met eigen wet- en regelgeving, maar je kunt wel leren van hoe een ander ermee omgaat.’
Verbinding binnen de afdeling
Verbinding binnen een afdeling ontstaat niet vanzelf, zegt ze. ‘De maandag als vaste kantoordag helpt. Daarnaast zijn er werkverbanden waarin collega’s uit verschillende afdelingen samenwerken.’ Ook informele momenten tellen. ‘We hebben een werkcafé waar we samen lunchen. Dat heeft echt een sociale functie.’ Volgens José draagt het bij aan een cultuur waarin mensen elkaar sneller helpen. ‘Als een collega het heel druk heeft en een ander even minder, dan zie je dat men elkaar ondersteunt.’
Het meest trots is José op de sfeer op de afdeling. ‘Collegialiteit en humor zijn belangrijk. Er wordt iedere dag gelachen.’ Ondanks de verschillen weten mensen elkaar te vinden, benadrukt ze. Werkplezier zit voor haar in samenwerking en een gezamenlijk doel. ‘Goede toetsen en examens neerzetten. Als je dat voor ogen houdt, kom je over de hobbels heen.’
Uitdagingen voor de toekomst
De opvolger krijgt volgens José direct een paar interessante dossiers om de tanden in te zetten. In het po ligt de opdracht om toe te werken naar een nieuw stelsel met één doorstroomtoets. ‘Als dat doorzet, vraagt dat veel qua capaciteit en hoe we het inrichten.’ In het mbo komen nieuwe taaleisen. ‘Daarmee komt er ook een nieuw examenprogramma. Dat is echt een hele klus.’ En bij Nt2 groeit de vraag. ‘De aantallen kandidaten nemen toe. ‘Dat betekent extra examens en extra afnamecapaciteit, wat samen met ketenpartners gepland moet worden.’ José wijst ook op digitalisering als uitdaging voor haar opvolger. ‘Het toekomstgericht maken van examinering en onderzoeken welke rol AI daarbij kan spelen zal de komende jaren veel aandacht vragen.’
José vat samen wat de functie vraagt: ‘Je moet een lange adem hebben en geduld. Er is veel afstemming nodig om tot een goed eindresultaat te komen.’ Maar juist daarin zit voor haar de betekenis van het werk. ‘Wat wij doen heeft impact: het halen van een examen biedt iemand toekomst. Kwaliteit van toetsing en normering moet altijd voorop staan. Ik ga het missen.’