Annette van Baalen werkte acht jaar als biologiedocent in het voortgezet onderwijs voordat ze in 2024 begon als clustermanager exacte vakken havo/vwo bij het College voor Toetsen en Examens (CvTE). In die rol houdt ze zich bezig met de centrale examens voor biologie, natuurkunde en scheikunde. Haar ervaring voor de klas helpt haar daarbij nog elke dag.

Annette van Baalen

'Ik begon in de onderbouw en later ook in de bovenbouw, voornamelijk op havo en vwo', vertelt Annette. 'Op sommige scholen gaf ik een breder vak waarin ook scheikunde en natuurkunde zaten. Vaak waren die drie vakken gecombineerd.'

Hoewel ze het lesgeven met plezier deed, dacht ze al vroeg na over een volgende stap. 'Het was mijn eerste serieuze baan na mijn afstuderen. Ik wilde eerst goed leren hoe het is om voor de klas te staan. Maar ik dacht ook: ik wil niet tot mijn 65e alleen voor de klas blijven.'

De overstap kwam op een logisch moment. 'Ik kreeg jonge kinderen en dat vraagt flexibiliteit. Een klas is er gewoon; die kun je niet zomaar verplaatsen. Toen kwam deze baan voorbij. Ik was er niet actief naar op zoek, maar het leek me interessant om ook eens een andere kant van het onderwijs te zien.'

Fascinatie voor het vak

De interesse voor biologie begon vroeg. 'Mijn vader is bioloog en wij woonden in een klein dorp in de polder. Ik was altijd geïnteresseerd in dieren, beestjes en insecten. Daar kon ik echt gefascineerd naar kijken.'

Op school was de keuze voor biologie in de bovenbouw vanzelfsprekend. Toch koos Annette niet meteen voor een studie biologie, maar koos ze voor psychobiologie, een studie naar hersenwetenschap en gedrag. Tijdens haar master kwam de biologie weer nadrukkelijk terug. 'Toen merkte ik dat ik planten ook heel interessant vond. Mijn master was uiteindelijk biological sciences.'

Breed en concreet

Wat Annette aanspreekt in het vak, is de breedte. 'Biologie is overal. Je kunt kijken naar moleculen en wat er in een cel gebeurt, maar ook naar grote ecosystemen.' Die combinatie maakt het vak tastbaar. 'Het zit letterlijk om je heen. Ik ben bijvoorbeeld veel bezig met moestuinieren. Je begint met een zaadje en uiteindelijk groeit daar een plant uit die een vrucht geeft. Dat is ook biologie.'

Het vak raakt bovendien aan maatschappelijke vraagstukken. 'Biologie heeft met jezelf te maken: hoe je lichaam werkt en waar je ziek van kunt worden. Maar ook met hoe we omgaan met de wereld om ons heen, met dieren, landschap en milieu.' Burgerschap is steeds belangrijker bij het vak. ‘Ik merk dat biologiedocenten de actualiteit willen betrekken.’

Vernieuwing examens

Die ontwikkeling speelt een rol bij de vernieuwing van de examenprogramma's. 'Een belangrijke verandering is dat er meer nadruk komt op zogenoemde denk- en werkwijzen', legt Annette uit. 'Dat zijn manieren van denken die je toepast op concrete concepten, bijvoorbeeld het analyseren van oorzaak en gevolg.'

Die aanpak wordt gedeeld met andere vakken. 'Voor natuurkunde en scheikunde is een vergelijkbare benadering ontwikkeld, wat bijdraagt aan de samenhang tussen de vakken. Je kunt bijvoorbeeld weinig zeggen over een cel zonder scheikunde.’

Voor vmbo-leerlingen verandert daarnaast het type vragen. 'Daar zie je een verschuiving van reproductie naar productie. Minder iets uit je hoofd leren en opschrijven en meer naar informatie krijgen en daar iets mee doen.'

Rol bij het CvTE

Als clustermanager houdt Annette zich niet direct bezig met het schrijven van examenvragen, maar met het proces eromheen. 'Je bent een soort kwaliteitsmanager van het examenproces.' Voor elk vak werken onze vaststellingscommissies samen met toetsdeskundigen van Stichting Cito aan de examens. 'Die commissies bestaan uit experts en docenten. Zij werken vrij autonoom. Mijn rol is meer overkoepelend: zorgen dat het proces goed loopt en dat we op het juiste moment de juiste informatie hebben.'

Daarnaast is ze betrokken bij syllabuscommissies. 'Daar spelen soms vakoverstijgende vragen, bijvoorbeeld hoe je samenhang tussen vakken vormgeeft. Dan is het mijn taak om te zorgen dat verschillende syllabi niet te veel uit elkaar gaan lopen.' Het werk brengt haar regelmatig in contact met docenten: in commissies, bij testcorrecties of trainingen. 

Examenperiode

Een van de momenten waarop alle processen samenkomen, is de examenperiode. 'Mijn eerste examenperiode hier was meteen heel bijzonder. Er komen vragen binnen via de examenlijn, er zijn examenbesprekingen met docenten uit het land en daarna volgt de normering. Dan zie je hoe Stichting Cito de analyses maakt en hoe wij als CvTE met adviezen vanuit onder andere de vaststellingscommissies besluiten nemen over de uiteindelijke normering.' 

Dat proces maakte indruk. 'Om zo precies te zien hoe die beslissingen tot stand komen en hoe zorgvuldig dat gebeurt, vond ik mooi om mee te maken.'

Meer ruimte voor veldwerk

Hoewel ze zelf niet meer voor de klas staat, blijft Annette betrokken bij het onderwijs via schoolbezoeken en scholingsdagen. ‘Door mijn ervaring voor de klas weet ik ook wat je nodig hebt als docent.’ Vooral de nieuwsgierigheid van leerlingen is haar bijgebleven. 'Bij biologie stellen leerlingen soms vragen die je zelf ook niet meteen kunt beantwoorden. Dat vond ik juist leuk.'

Als ze één wens heeft voor het biologieonderwijs, dan is het meer ruimte voor veldwerk. 'Ecologie en groene biologie spelen zich vaak buiten af, maar op veel scholen is daar weinig tijd voor. Toen ik zelf veldwerk deed tijdens mijn studie, merkte ik hoe anders dat is. Als je het echt buiten meemaakt, zie je pas hoe levend het vak eigenlijk is.'